Geen vraag te gek
088 973 06 00

Hoe Cees Jorissen, eigenaar sportcentrum Dordrecht, tot een topteam komt

Al sinds 1979 is de 62-jarige Cees Jorissen werkzaam in sportwinkels. Hoewel iedereen zei dat hij het beter niet kon doen, deed hij het tóch. In ’82 opende hij zelf een winkel welke hij tot op heden runt. De winkel richt zich op functional sports, waaronder zaal- en balsporten. Een succesvolle omzet hangt samen met een goede service. Hoe komt Cees nu aan zo’n topteam?

De medewerkers maken sportcentrum Dordrecht uniek

‘In onze winkel staat persoonlijke bediening en benadering centraal. Mensen komen bij sportcentrum Dordrecht binnen en worden direct door één van mijn deskundige collega’s geholpen. Klanten worden behandelt als een volwassen persoon en professioneel ontvangen door onze medewerkers. Wat onze winkel écht uniek maakt is dat wij hier vakmensen hebben staan. Dat voelen klanten, wat fantastisch is. Mijn mensen die hier op de winkelvloer staan maken het bedrijf.’

“Mijn mensen die hier op de winkelvloer staan die maken het bedrijf.”

Een team van alle generaties

Op fulltime basis heeft Cees vijf medewerkers in dienst, van alle generaties. ‘Wij kiezen bewust niet voor de allerjongsten op de arbeidsmarkt. Met die leeftijd gaat wispelturigheid gepaard en met een winkel die gericht is op functional sports moet je wel verstand hebben van de producten.’ Tevens merkt Cees dat er minder interesse is vanuit de jeugd in dit vakgebied, onder andere omdat deze branche niet het beste uurloon biedt voor deze generatie. Toch bestaat zijn team uit alle leeftijden. “Soms komt er wel eens eentje door. Zo werkt hier bijvoorbeeld iemand die op zijn 15e is begonnen vanuit stage, inmiddels is hij 24 jaar en een hele belangrijke pion binnen ons bedrijf. De bedrijfsleider is 44, hij is ook ongeveer op zijn 18e begonnen. Eén of twee keer even weggeweest maar uiteindelijk teruggekomen op het oude nest. Recent hebben we een 50-jarige man aangenomen. Hij is hartstikke blij dat hij bij ons kan werken en dat gevoel is geheel wederzijds. De motivatie is er gewoon en dat is erg prettig.”

Het team bestaat uit alleen maar mannen, maar dat betekent niet dat er geen vrouwen welkom zijn. Graag zelfs!

Het team van Cees

‘Mijn team in drie woorden? Ongelooflijk gepassioneerde vaklieden. Iedereen weet waar ze mee bezig zijn. Mensen met gevoel voor humor en verstand van zaken staan je te woord. De jongens moeten het doen en zijn de ‘first target men’. Ze zijn allemaal op niveau. Ze maken offertes, ze leveren de teamkleding, voeren gesprekken, ronden deals af, doen contractafhandelingen, dat kunnen ze grotendeels zelf. Ik geef ze ongelooflijk veel verantwoording. Soms gaat dat wel eens mis, dat is logisch. Daar leren ze weer van, dan pak je dat verlies maar. In de loop der tijd ga je het toch weer terug verdienen als ze helemaal op niveau zijn.’

“Ongelooflijk gepassioneerde vaklieden.”

Er is maar één de baas

‘Er is er maar één de baas hier, dat weten ze. Wat ik in al die jaren heb geprobeerd los te laten is dat ik de intentie heb dat ik alleen die winkel moet draaien. Dat kan niet. Die jongens kunnen bijna op elk gebied alles zelfstandig. Ik geef ze de vrijheid die nodig is om te kunnen functioneren. Er is zo veel werk voor die mannen, maar als eigenaar moet je dat juist interessant maken. Monitor hoe het iedereen afgaat. Een kind van één jaar kan je ook niet op een fiets zetten en zeggen ‘ga maar fietsen’. Geef ze de mogelijkheid en de gelegenheid om te groeien.’

Dus alles gaat helemaal soepel?

‘Het lijkt allemaal heel romantisch, maar ook wij kennen natuurlijk onze verschillen, echte tegenstellingen. Dat heeft soms wel eens met leeftijd te maken, ik ben ook een stuk ouder. We hebben zeker discussies, maar die moeten er ook zijn.’ Elke dag staat het team stil bij wat beter kan. ‘Er wordt scherp naar elkaar gekeken.’

De gouden tip voor een topteam?

‘Dat is een lastige. Je moet een beetje geluk hebben dat je de juiste mensen treft. De mensen moeten als een puzzelstukje in je puzzel vallen. Ik heb afscheid genomen van de jonge garde. Als je kijkt naar mijn medewerker van 50, in iets langer dan een half jaar staat hij al bijna zelfstandig op de werkvloer.’

Naast een redelijke salariëring heeft Cees op basis van eigen ervaring een paar tips.

‘Probeer je team samen te smeden. Het team moet draaien, op elkaar ingewerkt zijn en de medewerkers moeten wat voor elkaar over hebben. Als de één hartstikke druk is met het helpen van een klant, pakt de ander even zijn schoenen beet en zet het terug in het magazijn. Het zijn kleine dingen, maar dat bepaalt al de samenwerking. Laat ze veel zelfstandig opereren, wetende dat ze altijd op je terug kunnen vallen.’

‘Ik geef mijn medewerkers veel vrijheid en verantwoording. Ze zijn nagenoeg selfsupporting.’

Medewerkers maken óf kraken je winkel

Volgens Cees kan het twee kanten op gaan medewerkers kunnen je winkel volledig afbreken of je zaak juist maken. Dat heeft hij zelf ervaren bij een eigen filiaal in de binnenstad van Dordrecht. ‘Mensen waren daar geweest en zeiden: “Ik ben gewoon heel slecht geholpen”. Dan heb je maar één keuze en dat is zo snel mogelijk de winkel op slot gooien. Wij weten nu heel goed wat je in een winkel niet moet doen.’

Maar in zijn huidige winkel maken zijn mensen het bedrijf. ‘Als ik ze niet zou hebben ben ik verloren en kan ik de winkel gedag zeggen. Dat is de realiteit. Mensen maken het bedrijf, 100%. De eigenaar of manager heeft daar natuurlijk wel een stevige vinger in de pap. Bijna alle jongens hier hebben het bedrijf in hun hart zitten. De klanten en verenigingen waarderen dat enorm, ze worden serieus genomen.’

Bij sportcentrum Dordrecht wordt de klant als koning of koningin behandelt.