Wat zegt de wet over het verval van vakantiedagen in de woonbranche?

Wat zegt de wet over het verval van vakantiedagen in de woonbranche?

26 mei 2026

Op basis van de cao heeft een medewerker in de woonbranche recht op 25 vakantiedagen op fulltime basis (37 uur). Van deze vakantiedagen zijn er 20 wettelijk en 5 bovenwettelijk. Sommige medewerkers hebben daarnaast ook nog recht op seniorendagen uit de cao Fashion, Sport & Lifestyle die liep van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2018.

Verval wettelijke vakantiedagen

Op basis van de wet vervallen wettelijke vakantiedagen zes maanden na het einde van het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd. Dit betekent dat een werknemer die in 2025 wettelijke vakantiedagen heeft opgebouwd, deze uiterlijk op 1 juli 2026 moet opnemen.

De gedachte achter deze vervaltermijn is dat vakantie bedoeld is om werknemers tijdig rust en herstel te bieden. Werknemers worden daarom gestimuleerd om hun vakantiedagen daadwerkelijk op te nemen binnen een redelijke termijn.

Verval bovenwettelijke vakantiedagen

Naast de wettelijke vakantiedagen hebben werknemers ook recht op bovenwettelijke vakantiedagen. Deze extra dagen worden vaak toegekend door de cao. Voor deze dagen geldt een ruimere vervaltermijn van vijf jaar.

Voor de opname van zowel de wettelijke als de bovenwettelijke vakantiedagen geldt dat eerst de uren worden opgenomen die als eerst zouden komen te vervallen/verjaren.

Uitzondering bij arbeidsongeschiktheid

Voor werknemers die langdurig arbeidsongeschikt zijn, geldt een belangrijke uitzondering op het verval van wettelijke vakantiedagen, waarbij bepalend is of de werknemer daadwerkelijk in staat was om vakantie op te nemen.

In dat kader is doorslaggevend of sprake is van re-integratieverplichtingen. Wanneer een medewerker daarvan is vrijgesteld, wordt hij geacht niet in staat te zijn geweest om wettelijke vakantiedagen op te nemen en verjaren deze dagen pas na vijf jaar. Bij aanwezigheid van re-integratieverplichtingen wordt in beginsel aangenomen dat de werknemer vakantie kan opnemen.

Het oordeel van de arbodienst of bedrijfsarts speelt hierbij een belangrijke rol: als zij aangeven dat de werknemer (gedeeltelijk) met vakantie kan en ook daadwerkelijk in staat is daarvan te genieten, mag worden verwacht dat hij vakantiedagen opneemt en kan de reguliere vervaltermijn van toepassing zijn. De werknemer kan daarbij niet worden verplicht, maar wel kan worden gestimuleerd, om vakantie op te nemen.

Is de werknemer daarentegen door zijn medische situatie niet in staat om vakantie op te nemen of daarvan te profiteren, dan kan de vervaltermijn niet (volledig) worden toegepast en blijven de vakantiedagen behouden.

Informeer je werknemer op tijd

Het vervallen van de wettelijke vakantiedagen is niet helemaal vanzelfsprekend. De werkgever moet zich wel inspannen om de werknemer nauwkeurig en tijdig te wijzen op het dreigende verval van (wettelijke) vakantiedagen en de werknemer daadwerkelijk in de gelegenheid stellen om vakantie op te nemen. Doet de werkgever dit niet, dan vervallen de wettelijke vakantiedagen niet.

Van de werkgever wordt verwacht dat hij een correcte en accurate administratie bijhoudt van de opgenomen en opgebouwde vakantiedagen. Met de verschillende vervaltermijnen en verjaringstermijnen is het zaak om goed bij te houden of een toegekende vakantiedag een wettelijke of bovenwettelijke dag is. Dit kan kosten schelen bij langdurige dienstverbanden.

Alle informatie over vakantie op een rij? Lees dan verder op deze pagina: daar vind je alles wat je moet weten over de opbouw, opname en het verval van vakantie-uren.

Bastiène Dames

Bastiène Dames

Adviseur Ondernemersservice

Ik wil graag lid worden

Leden kunnen altijd rekenen op juridisch en zakelijk advies op maat, zij krijgen toegang tot een groot bestand aan voorbeelddocumenten en contracten, trainingen en evenementen.